''Waar wacht je op?'' ''Inspiratie.'' ''Op Inspiratie? Je wacht op Inspiratie? Ik weet het niet, maar ik denk dat je dan lang kunt wachten. Inspiratie komt namelijk niet uit zichzelf, die moet je vragen, dat weet je toch?'' ''Hoezo, ken je haar dan? Heeft ze jou dan wel eens bezocht?'' ''Nee, ik ben niet van de Inspiratie, is niet zo mijn tiep. Ik ben meer van het aanpakken, gewoon aan de slag, zien waar het schip strandt.'' ''En als het schip strandt, wat doe je dan? Wat doe je met de teleurstelling, frustratie misschien, woede? Smijt je dan alles aan gruzelementen, steek je de fik erin?'' ''Ik begin gewoon opnieuw, gewoon aan de slag, uren maken, ooit loont het sta je daar je kijkt, ja zo is het goed. Hard werken loont op den duur.'' ''En je hebt er geen last van dat je stemming maar op en neer gaat, van hoge verwachting naar 9 op de 10 keer nee dat was het niet. Dat is toch verspilde energie?'' ''Verspilde energie is gaan zitten wachten, dat is pas verspilde energie. Energie die er niet uitkomt, die onbenut blijft. Vreselijk.'' ''Je bent een calvinist, ik wacht op Inspiratie, en als ze niet komt maak ik een wandeling kijk naar het straatgewemel naar de bomen in het park de bloeiende witte en rode kastanjes de eindeloze zee. 't Is beter voor mijn gemoedsrust.'' ''Je doet maar, maar kom niet bij me uithuilen als ze niet komt.'' ''No worry, ze komt, ik ben een optimist.''